Wat is het?
De 30%-regeling is een belastingvoordeel voor mensen die uit het buitenland naar Nederland komen om hier te werken. Werkgevers mogen dan 30% van het salaris belastingvrij uitbetalen.
Het herstel van de 30%-regeling voor expats is begrijpelijk vanuit het streven internationaal talent aan te trekken, maar voldoet slechts ten dele aan bestocratische criteria. De regeling is eenvoudig uitvoerbaar en adresseert een reëel probleem in techniek, wetenschap en IT, maar creëert tegelijk een fiscale voorkeurspositie voor goedbetaalde buitenlanders zonder directe koppeling aan hun maatschappelijke bijdrage. Voor veel andere sectoren met grote tekorten — zoals zorg, onderwijs en bouw — bestaat zo’n prikkel niet. Dat maakt de regeling onrechtvaardig in haar huidige vorm.
Binnen Bestocratie worden prikkels nooit toegekend op basis van herkomst, maar op basis van bijdrage. Een regeling voor specialistisch talent krijgt pas bestaansrecht wanneer zij aantoonbaar stuurt op schaarsteberoepen, innovatiekracht en meetbaar maatschappelijk of economisch rendement. Nu biedt de regeling vooral een generiek fiscaal voordeel, maar stuurt zij niet op concrete maatschappelijke doelen zoals innovatie, schaarsteberoepen of personeelstekorten.
Onderzoeken tonen dat de regeling talent aantrekt, maar soms ook vooral kosten oplevert voor de staat, terwijl sectoren zonder expats indirect worden benadeeld doordat budgettaire ruimte elders krimpt. Effectiviteit moet meetbaar zijn; die toets ontbreekt.
De expatregeling lijkt vooral een knieval voor de druk van multinationals zoals ASML, die bij de politiek succesvol de vrees aanwakkeren hun activiteiten naar andere landen te verplaatsen. Het eerdere vertrek van het Unilever-hoofdkantoor versterkt die angst. Het herstellen van de expatregeling in volle glorie blijkt politiek eenvoudiger dan het vestigingsklimaat van Nederland fundamenteel te verbeteren. Zo blijft de overheid dweilen met de kraan open.
Een bestocratische variant is doelgericht, tijdelijk en toetsbaar:
• alleen voor objectief schaarse sectoren;
• elke twee jaar harde evaluatie – vervalt bij onvoldoende resultaat;
• gelijke toegang voor binnen- én buitenlands talent (schaarstebonus i.p.v. herkomstbonus);
• effect op innovatie, belastingopbrengsten en personeelstekorten moet objectief aantoonbaar zijn.
Alleen zo wordt een fiscale uitzondering een instrument van vooruitgang in plaats van een selectieve inkomenssubsidie voor één specifieke groep.
Slotopmerking
Het is wrang: omdat Nederlandse werknemers in eigen land worden geconfronteerd met hoge woonlasten, heffingen en belastingen, kan internationaal talent alleen worden aangetrokken door hén juist te compenseren voor die nadelen. Voor Nederlandse talenten geldt het tegenovergestelde: zij worden niet gecompenseerd en hebben daardoor juist een prikkel om hun kennis en kunde in het buitenland ten gelde te maken, waar de lasten vaak lager zijn en vergelijkbare fiscale voordelen wél bestaan.
Nevenschade Expatregeling
Ongelijke beloning: expats verdienen netto veel meer voor hetzelfde werk.
Woningmarkt-effect: hogere netto koopkracht verdringt lokale woningzoekenden.
Voortrekken expats is dweilen met de kraan open
Een doekje voor het bloeden voor een land met te hoge lasten en te dure huizen.
Nederland prijst zich uit de markt: dát moet je oplossen